Sinds 2007 probeert de overheid de vastgelopen beleidsprocessen en de bureaucratisering van haar plattelandsbeleid vlot te trekken met het zogeheten Investeringsbudget Landelijk Gebied (ILG).
ILG draait om de decentralisatie van 3,9 miljard euro rijksgeld voor de provincies die besteed worden aan de hand van prestatieafspraken.
Tegelijkertijd is ILG een nieuwe sturingsfilosofie: provincies krijgen voor het eerst de regie over de uitvoering van het (meeste) rijksbeleid voor natuur, landschap, landbouw, recreatie en verdroging.
Opmerkelijk is dat het ILG twee inherent tegengestelde sturingswerelden omvat: gebiedsgerichte samenwerking (governance) en contracten (prestatiesturing). Hoewel deze werelden in balans moeten zijn, dreigt deze verstoord te worden door overdreven en eenzijdige nadruk op prestatiesturing en afrekening. En dat heeft een negatieve impact op de samenwerking en het onderlinge vertrouwen tussen rijksoverheid en provincies en tussen provincies en gebiedspartijen.
Er is echter geen alternatief voor samenwerking. Laat onverlet dat partijen elkaar voortdurend moeten aanspreken op verantwoordelijkheden en afspraken. Daarbij is het belangrijk dat verantwoording niet alleen gaat over afrekenen, maar ook tot wederzijds leren leidt.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten